Vergelijk woningen

Selecteer een van de onderstaande vragen en krijg antwoorden over kopen, verkopen of verhuren. Het zal je aan het denken zetten over belangrijke stappen in het vastgoed.

Vragen over verkoop

Kan een huis in waarde dalen?

Over het algemeen zal vastgoed nooit in waarde dalen, het is zelfs erg ongebruikelijk mocht dit gebeuren. Dit maakt vastgoed net een goede investering. Het is van groot belang om zorgvuldig de locatie te kiezen en de buurt, dit beïnvloed in belangrijke mate de waarde.

Is een oudere woning even goed als nieuwbouw?

Day is eigenlijk gewoon een kwestie van voorkeur, beide hebben hun specifieke voordelen. Veel is afhankelijk van uw smaak en levensstijl.

Oudere woningen kosten vaak minder dan nieuwe, maar er zijn ook gevallen waarin nieuwe goedkoper zijn dan bestaande. Denk hierbij maar aan een unieke locatie van een bestaande woning met een mooi aangelegde tuin, oude bomen en waterpartijen… Anderzijds zal je bij nieuwbouw met de recentste technieken van een erg energiezuinige woning kunnen genieten.

Dan zijn er nog de kosten. Bij een bestaande woning betaal je registratierecht, dat is 10 % en bij klein beschrijf (KI < 745 €) 5%. Bij nieuwbouw betaal je registratierecht op de grond en BTW op de constructiewaarde.

Waarom heb je een notaris nodig bij de aankoop?

Zodra je een onroerend goed koopt of verkoopt, ben je verplicht om een notaris onder de arm te nemen. Daar zijn verschillende redenen voor. De belangrijkste? Zelfbescherming. Dankzij een notariële akte is alles officieel en kun je pijnlijke situaties voorkomen.

Welke notaris moet je precies kiezen? Net zoals bij advocaten en andere vrije beroepers kiezen mensen vaak voor iemand die ze persoonlijk kennen of in de familie- of vriendenkring gekend is. Tegenwoordig zijn er zo’n 1.500 notarissen actief in België. De prijs zal in geen geval een doorslag kunnen bieden bij je keuze. Een notaris mag de vergoeding voor zijn diensten immers niet zelf kiezen. De wetgever heeft voor de meeste gebeurtenissen tarieven vastgelegd.

Kan ik een aankoop doen als mijn krediet nog niet rond is?

Het is raadzaam om voor de aankoop de mogelijkheden goed door te spreken met je bank.

Hoeveel kan je lenen, op welke termijn en wat zal de maandelijkse aflossing zijn?

Veel banken zullen je (mits je dossier haalbaar is) een principeakkoord geven. De afhandeling zal gebeuren na ondertekening van de onderhandse verkoopovereenkomst.

Is een schuldsaldoverzekering verplicht?

Op zich is een schuldsaldoverzekering niet verplicht. Er is geen enkele wettekst die dit oplegt. Gezien de sommen waarvan sprake, kan men echter wel zeggen dat deze verzekering over het algemeen wel aanbevolen is wanneer men een hypothecair krediet afsluit.

Welke kosten komen er bovenop de aankoopprijs?

Wanneer je een woning koopt, betaal je niet enkel de prijs van het huis. Bijkomende kosten kunnen het bedrag nog verder opdrijven. Naast de registratierechten betaal je ook de aktekosten en het ereloon van de notaris.

Een woning, het is de belangrijkste aankoop van je leven. En vaak moet je twee keer slikken wanneer je de eindafrekening ziet. Want je betaalt niet alleen de prijs van het huis. Bijkomende kosten drijven het bedrag nog verder op.

Bij de notaris betaal je registratierechten, het ereloon en de leningkosten.

Registratierechten

Koop je een bestaande woning? Dan moet je verplicht langs bij de notaris. En wil je de verkoop officieel maken, dan moet je registratierechten betalen. Het bedrag daarvan is afhankelijk van de ligging en het type huis. In Brussel betaal je bijvoorbeeld 12,5% op het aankoopbedrag van de woning, terwijl dat in Vlaanderen 10% is.

In de meeste gevallen betaal je gelukkig niet de volle pot. In Vlaanderen wordt voor de aankoop van je eerste woning de eerste 15.000 euro vrijgesteld. Deze korting wordt het abattement genoemd. Voor latere aankopen bestaat in Vlaanderen het systeem van de meeneembaarheid van registratierechten.

Koop je een woning in Vlaanderen en is het kadastraal inkomen van de woning lager dan 745 euro? Dan betaal je slechts 5% registratierechten onder het stelsel van klein beschrijf.

In het Brussels Hoofdstedelijk gewest moet je 12,5% registratierechten ophoesten. Het klein beschrijf bestaat hier niet, maar je kan wel in aanmerking komen voor vrijstellingen. Voor een eerste woning heb je recht op een vrijstelling van 60.000 euro die wordt verhoogd tot 75.000 euro als de woning in een ontwikkelende wijk ligt.

In het Waals gewest betaal je ook 12,5%, maar hier bestaat het klein beschrijf wel. In dit stelsel betaal je 6% registratierechten.

Ereloon notaris

In de registratierechten is het ereloon van de notaris niet inbegrepen. Dit is een percentage op de verkoopprijs. De hoogte van het percentage hangt af van de precieze prijs. Voor een woning van 200.000 euro betaal je bijvoorbeeld 2.164 euro.

Let op: dit percentage is hoger bij een openbare verkoop, omdat de notaris dan meer kosten maakt.

Leningkosten

Sluit je een hypothecair krediet af? Dan moet je rekening houden met een leningkost die uit vijf elementen bestaat:

  1. Een percentage van 1% op het leenbedrag als registratierecht.
  2. Het inschrijvingsrecht is 0,30% van het leenbedrag.
  3. Het loon van de hypotheekbewaarder, die de hypotheek met de hand in een dik register schrijft.
  4. Een percentage op het leenbedrag als honorarium van de notaris. Voor een leenbedrag van 200.000 euro betaal je bijvoorbeeld 880 euro.
  5. Vaste aktekosten: 525 euro.

Leen je voor 200.000 euro? Hou dan rekening met een leningkost van ongeveer 4.500 euro.

Bestaan er verschillen tussen schuldsaldoverzekeringen?

Als u een hypotheeklening wilt afsluiten, moet u er meestal een schuldsaldoverzekering bijnemen. Op die manier kan u een lagere rentevoet voor uw lening krijgen. Toch loont het beslist de moeite om hiervoor even rond te kijken. Het premieverschil voor de schuldsaldoverzekering kan behoorlijk verschillen van maatschappij tot maatschappij. Bovendien bestaan er niet alleen verschillende formules, maar er zijn ook alternatieven die voor uw specifieke situatie misschien meer aangewezen zijn.

Een schuldsaldoverzekering geeft u, uw partner en uw erfgenamen de geruststelling dat de leninglast geheel of gedeeltelijk wegvalt bij vroegtijdig overlijden van uzelf of uw partner.

Twee polissen?

Het is gebruikelijk dat beide partners een afzonderlijke schuldsaldoverzekering afsluiten tegen het overlijdensrisico. U bent wel niet verplicht twee keer het volle bedrag te laten verzekeren. We raden echter af om allebei een dekking van 50% van het geleende bedrag te nemen. In dat geval valt de leninglast na het overlijden van een van de partners slechts voor de helft weg, terwijl de huishoudkosten haast niet zullen verlagen.

Of op twee hoofden?

Als u daarvoor kiest, zijn u en uw partner in één polis verzekerd. En ook voor deze oplossing moet u niet het volledige geleende bedrag laten verzekeren, al is dat wel raadzaam. In dat geval moet de langstlevende partner geen hypotheek meer af te lossen. Doordat het hier maar om één polis gaat, betaalt u minder premie. Bij de polis op twee hoofden betaalt u premies gedurende de hele looptijd van uw lening. Bij de afzonderlijk onderschreven schuldsaldoverzekeringen moet de premie meestal maar tijdens 2/3 van de leningduur worden gestort. Bovendien komt de afzonderlijke polis in aanmerking voor een belastingsvermindering, wat niet het geval is voor de polis op twee hoofden.

Eenmalige premie of gespreide betaling?

U kunt kiezen voor een een eenmalige premie bij het onderschrijven van de polis. Die valt in eerste instantie budgettair uiteraard zwaar uit. Maar over de hele duur van de lening is het wel de goedkoopste formule. Een tweede mogelijkheid is de hiervoor al aangehaalde gespreide premiebetaling. Meestal dient u dan tijdens 2/3 van de leningduur een constante premie te storten, al zijn er maatschappijen die ook een kortere duur aanbieden. Ten derde kunt u voor een jaarlijks aanpasbare premie kiezen. In tegenstelling tot het vaste tarief, volgen de jaarlijks aanpasbare premies de evolutie van de levensverwachting. Doordat we gemiddeld alsmaar ouder worden en het risico op voortijdig overlijden bijgevolg daalt, ziet het ernaar uit dat die jaarlijks aanpasbare premies – die tijdens de eerste drie jaar onveranderd blijven – in de toekomst eerder zullen verlagen dan verhogen. De eigenlijke premieberekening hangt trouwens af van een heleboel factoren:

het te verzekeren kapitaal, de duur van de lening,

leeftijd en geslacht,

gezondheidstoestand en

levenswandel.

Misschien zult u bij uw verzekeringsaanvraag enkel een medische vragenlijst dienen in te vullen, misschien zal een arts u moeten onderzoeken. Dat is vooraf moeilijk te zeggen.

Hoe kan ik het maandbedrag van mijn lening berekenen?

U kan een simulatie maken op: http://www.aflossingstabel.be/

Hoeveel kan ik lenen?

Banken lenen u sneller een som geld naarmate uw nettoloon hoger is, en u al langere tijd – doorgaans minstens twee jaar – een vaste job hebt. Een handige vuistregel is dat u een derde van uw nettoloon moet overhouden om uw lening af te betalen. Als alleenstaande houdt u zo best minstens 900 euro over voor uw levensonderhoud, als koppel 1.000 euro. Vergeet ook niet telkens uw loonbrief en een uittreksel van uw spaarrekening mee te nemen wanneer u een bank bezoekt. Zit u zonder job? Dan is het een stuk moeilijker om aan een lening te geraken.

Zijn er tegemoetkomingen waarvan ik kan genieten?

Op 1 januari 2016 besloot de Vlaamse regering de woonbonus verder te hervormen. Deze werd omgevormd tot de geïntegreerde woonbonus die een integratie betekent van drie bestaande Vlaamse belastingverminderingen (de belastingverminderen voor langetermijnsparen en gewone intresten zijn niet meer van toepassing op leningen afgesloten vanaf 1 januari 2016).

  • de woonbonus (van toepassing op de enige en eigen woning)
  • de belastingvermindering voor het lange termijnsparen (van toepassing op de niet-enige, eigen woning)
  • de belastingvermindering voor de gewone interesten (van toepassing op bijkomende woningen buiten de eigen woning)

De nieuwe regeling geldt voor alle eigen woningen, dus ook tweede, derde … woningen die jij bewoont. Bij hypothecaire leningsovereenkomsten die na 1 januari 2016 gesloten zijn in Vlaanderen, kan voor een jaarlijks maximumbedrag van 1.520 euro afgetrokken worden van het belastbaar inkomen. Een tarief van 40% is hierop van toepassing bij het berekenen van de belastingvermindering. In het geval van een enige woning kan, net zoals vroeger, een bijkomend bedrag van 760 euro afgetrokken worden tijdens de eerste 10 jaar van de lening. Als je op 1 januari van het jaar volgend op het jaar waarin de hypothecaire lening werd afgesloten minstens 3 kinderen ten laste heb, kan je gedurende 10 jaar ook genieten van een bijkomende aftrek van 80 euro.

Bij de aankoop van een woning in Vlaanderen kan je dus jaarlijks maximaal 944 euro besparen tijdens de eerste 10 jaar van de lening. Voor de resterende looptijd van de lening zal het bedrag van de belastingvermindering lager uitvallen. Daarbij komt wel nog dat je een vrijstelling van je registratierechten kan genieten op 15.000 euro, wat een bijkomend belastingsvoordeel van 1.500 euro geeft.

Wanneer betaal ik voor de eerste keer onroerende voorheffing?

Wie eigenaar is van de woning op 1 januari, moet de onroerende voorheffing van dat jaar betalen.

Koper en verkoper kunnen echter overeenkomen dat de koper een evenredig deel aan de verkoper moet terugbetalen, als hij in de loop van dat jaar de woning koopt en er dus eigenaar van wordt. De verkoper betaalt dan wel 100 % onroerende voorheffing aan de belastingadministratie, maar krijgt een deel terug van de koper voor het aantal maanden dat deze eigenaar is. Deze berekening en verrekening van de onroerende voorheffing gebeurt meestal bij het verlijden van de authentieke verkoopakte bij de notaris.

Een voorbeeld maakt het duidelijk:

Piet verkoopt zijn woning aan Jan. Jan wordt op 1 april 2011 eigenaar, dit is de dag waarop de authentieke akte wordt verleden voor de notaris. Op 1 januari 2011 was Piet dus nog eigenaar, zodat de belastingadministratie zich enkel tot Piet zal richten om de onroerende voorheffing van het jaar 2011 te innen, bijvoorbeeld een bedrag van 1.200 euro. Dit wordt echter verrekend zodat Jan negen maanden (vanaf april) onroerende voorheffing moet terugbetalen aan Piet. Uiteindelijk zal Piet dus 300 euro van de onroerende voorheffing moeten betalen, en Jan 900 euro. Dit wordt vastgelegd in de authentieke verkoopakte.

Hoe lang duurt het om een lening aan te vragen?

In de praktijk merken we dat de tijd die verloopt tussen het tekenen van de verkoopovereenkomst en het volledig afronden van de verkoop steeds langer wordt. Kopers die meer dan twee maanden moeten wachten voor de verkoop definitief geregeld is zijn geen uitzondering meer. Dat lijken lange termijnen maar daar zijn wel een aantal logische verklaringen voor.

Kopers moeten na het afsluiten van de koopintentie met hun bank gaan onderhandelen over een hypothecaire lening. Die procedure kan al snel meer dan een maand in beslag nemen, zeker als de koper verschillende banken wilt kunnen vergelijken. De verkopers op hun beurt zullen vaak een verhuis moeten regelen naar hun nieuwe woning. Soms moeten ze ook een tijdelijk logement zoeken in afwachting van het opleveren van de nieuwe woning.

Vragen over verhuur

Hoe lang duurt de administratie bij verhuur?

Na ondertekening van de huurovereenkomst moet je nog een tweetal weken rekenen vooraleer de papiermolen rond is. Het huurcontract, samen met de plaatsbeschrijving zullen door de makelaar  aangeboden worden ter registratie. Dan is er nog de verwerking van de huurwaarborg bij Korfine en de contacten met betrekking tot de nutsvoorzieningen.

Is een plaatsbeschrijving verplicht?

De plaatsbeschrijving is verplicht voor alle huurcontracten, met als enige uitzondering de pachtovereenkomsten.
De wet schept het vermoeden dat de huurder het gehuurde goed ontvangen heeft in de staat waarin het zich bevindt bij het einde van de huur, behoudens tegenbewijs, of tenzij er bij de aanvang van de huur een ‘omstandige’ plaatsbeschrijving werd opgemaakt, in welk geval de huurder het gehuurde goed moet teruggeven in de staat waarin hij het ontvangen heeft, met uitzondering van hetgeen door ouderdom, normale slijtage of overmacht is tenietgegaan of beschadigd.

Het is niet voldoende in het huurcontract te vermelden dat de huurder erkent het huis in goede staat ontvangen te hebben: dit geldt niet als plaatsbeschrijving. Het moet gaan om een ‘omstandige’ beschrijving, opgemaakt op tegenspraak, d.w.z. in aanwezigheid van beide partijen. Deze wettelijke voorschriften zijn wat men noemt “van dwingend recht”, dat wil zeggen dat men niets anders mag overeenkomen.

Op welk ogenblik moet deze plaatsbeschrijving nu worden opgemaakt?
Dit kan:

  1. zolang de woning niet in gebruik is genomen,
  2. gedurende de eerste maand waarin de woning door de huurder wordt bewoond.

De beschrijving mag opgemaakt worden door partijen zelf, of door een deskundige (deurwaarder, architect, of notaris) door partijen in onderling akkoord aangesteld.
De kosten zijn in principe ten laste van beide partijen elk voor de helft. Het verdient aanbeveling, op welke wijze de plaatsbeschrijving ook wordt opgemaakt, ze te laten tekenen door beide partijen.
Voor de woninghuurovereenkomsten is de registratie van de plaatsbeschrijving verplicht en wordt ze als bijlage gevoegd bij de huurovereenkomst.
Deze registratie is kosteloos als het pand uitsluitend bestemd is voor huisvesting.

Indien in de loop van de huur belangrijke wijzigingen aan het gehuurde goed worden aangebracht (bv. verbeteringen, grote herstellingen) kunnen partijen eisen dat er een bijvoegsel bij de plaatsbeschrijving wordt opgemaakt. Dit gebeurt op dezelfde wijze als voor de oorspronkelijke plaatsbeschrijving.

Zoals blijkt is de plaatsbeschrijving erg belangrijk om de eventuele schade op het einde van de huur te kunnen vaststellen. De huurder heeft er geen belang bij ze te eisen, de verhuurder wel. Bij weigering kan de plaatsbeschrijving door de vrederechter worden bevolen.

Wanneer een plaatsbeschrijving wordt opgemaakt, hebben beide partijen er belang bij dat ze zo nauwkeurig mogelijk is. Enkel dan kan ze beantwoorden aan het doel waarvoor ze werd opgemaakt.

Wat zijn die maandelijkse kosten?

Dit zijn kosten eigen aan het gebruik van de eigendom, bijvoorbeeld (niet limitatief); kosten poetsvrouw, blokpolis, onderhoud van de lift, verlichting algemene delen, onderhoud voortuin etc.. Dit verschilt van eigendom tot eigendom.

Wat is huursubsidie?

Als u een bescheiden inkomen hebt en u verhuist naar een nieuwe huurwoning, dan kunt u mogelijk een huursubsidie krijgen van de Vlaamse overheid, een tegemoetkoming in de huurprijs.

U komt alleen in aanmerking als u onlangs verhuisd bent of binnenkort verhuist:

  • U verhuist naar een woning van een sociaal verhuurkantoor.
  • U verhuist van een slechte of onaangepaste woning naar een goede, aangepaste huurwoning op de private huurmarkt.
  • U was dakloos en betrekt nu een huurwoning.

Verhuist u naar een sociale woning die u huurt van een sociale huisvestingsmaatschappij (SHM), gemeente of OCMW, dan komt u niet in aanmerking voor de huursubsidie.

Hoeveel maanden bedraagt de borg?

De huurwaarborg wordt verhoogd van 2 naar 3 maanden huur en de huurprijsbepaling door de verhuurder blijft vrij. Tijdens de huurovereenkomst kan de huurprijs enkel geïndexeerd worden, behalve wanneer er energiebesparende investeringen werden uitgevoerd. ‘Op die manier worden verhuurders gestimuleerd om woningen energiezuiniger te maken.’

Wat is Korfine?

Korfine is een dienstverlenend bedrijf die op een veilige, snelle en betrouwbare manier de huurwaarborg plaatst voor de gehele duur van de huur.

Voor wie zijn de kosten als er iets stuk gaat?

Over de staat van de huurwoning zegt de wet dat “de verhuurder het gehuurde goed, in alle opzichten, in goede staat van onderhoud aan de huurder moet leveren en tijdens de duur van de overeenkomst in zodanige staat moet onderhouden dat het kan dienen tot het gebruik waartoe het bestemd is”.

Gedurende de hele overeenkomst moet hij de nodige herstellingen uitvoeren, behalve het normale onderhoud dat ten laste van de huurder valt. De wet geeft niet veel details over de herstelverplichtingen van de huurder, maar geeft enkele voorbeelden van herstellingen die de huurder voor zijn rekening moet nemen:

  • haarden en schoorstenen
  • glasbreuk
  • tegels
  • muurbepleistering tot 1 meter hoog
  • sloten en hengsels
  • deuren en vensterramen.

Daarnaast moet de huurder instaan voor “kleine herstellingen en onderhoud”. Ook daarvan geeft de wet geen details maar er bestaan wel indicatieve lijsten van welke herstellings- en onderhoudswerken voor rekening van de verhuurder of de huurder zijn. Ze zijn niet altijd volledig, maar samengesteld op basis van de gangbare praktijk bij verhuring van een woning als hoofdverblijfplaats. Een voorbeeld van zulke lijst

Een belangrijke uitzondering op de herstelverplichting van de huurder is normale slijtage en overmacht: de huurder moet nooit instaan voor het herstel van slijtage door ouderdom of schade door overmacht.
Overmacht betekent dat er een gebeurtenis was die de huurder niet gewild heeft en dat hij die gebeurtenis onmogelijk kon voorzien.

Voor het onderhoud van de verwarmingsinstallatie gelden er specifieke regels. De gebruiker (in dit geval de huurder) moet een centrale verwarmingsinstallatie op gas tweejaarlijks laten onderhouden en controleren door een erkende technicus. Voor een centrale verwarmingsinstallatie op stookolie is dat jaarlijks. Na elk nazicht levert de technicus hiervan een attest af. De huurder is verplicht een kopie van dat attest aan de verhuurder te bezorgen, zodat die voor eventuele noodzakelijke herstellingen kan zorgen.

Hoe lang is de opzegtermijn?

An agent who is authorized to open and run his/her own agency. All real estate offices have one principal broker.

Welke soorten huur bestaan er?

Er zijn verschillende soorten huurcontracten naargelang de duur van de overeenkomst. Indien de duur niet wordt vastgelegd in het contract, is dit automatisch negen jaar.

  • Standaard: 9 jaar
  • Korte duur: 3 jaar of minder
  • Lange duur: meer dan 9 jaar
  • Levenslang: gedurende het leven van de huurder

Moet ik een verzekering nemen?

Als huurder moet je een brandverzekering afsluiten om je eigen inboedel te beschermen.  De brandverzekering van de verhuurder-eigenaar dekt slechts de schade aan het gebouw, maar niet de inboedel van de huurder. Door het afsluiten van een brandverzekering wordt bovendien ook de huurdersaansprakelijkheid verzekerd. Huurdersaansprakelijkheid houdt in dat je als huurder ook aansprakelijk bent voor de schade die je aan anderen toebrengt, waaronder je huisbaas of andere huurders in het gebouw.

Het is wel mogelijk dat de verhuurder-eigenaar zelf een brandverzekering heeft afgesloten met ‘afstand van verhaal tegen de huurder’. Dit betekent dat de brandverzekeraar van de verhuurder-eigenaar zich niet meer tegen de huurder kan keren voor de schade die door zijn brandverzekering is gedekt. Maar ook in dit geval heb je als huurder redenen genoeg om zelf ook een brandverzekering af te sluiten. Want je loopt immers nog steeds een aantal belangrijke risico’s. De brandverzekering met afstand van verhaal vervangt immers de verzekering van de huurder niet volledig:

  • Als huurder weet je niet of de eigenaar-verhuurder naar behoren is verzekerd. Als de eigenaar-verhuurder onderverzekerd is, dan kan hij zich tot de huurder wenden voor de schade die niet vergoed wordt door zijn eigen verzekeraar. Dit kan vermeden worden door expliciet in de huurovereenkomst op te nemen dat de eigenaar in geval van schade afstand van verhaal tegenover de huurder doet.
  • Als huurder heb je persoonlijke spullen en daar houdt de verzekering van de eigenaar-verhuurder helemaal geen rekening mee. Wil je dus je inboedel beschermen tegen brand, waterschade, natuurrampen, enz…. dan moet je sowieso zelf een brandverzekering aangaan voor je goederen, al dan niet met een dekking tegen diefstal.
  • Als huurder blijf je aansprakelijk voor de schade die je aanricht aan derden, zoals bijvoorbeeld de buren. Wanneer een brand wordt veroorzaakt door de persoonlijke goederen van de huurder en deze brand overslaat naar de woning van de buur, dan is de huurder aansprakelijk. Ook in een dergelijke situatie kan een eigen brandverzekering de huurder redden.

Vervroegd huurcontract opzeggen, gevolgen?

Je kijkt best even na in jouw huurcontract sinds wanneer je het goed officieel huurt. Dit is van belang voor de bepaling van de boete.

Wettelijk gezien heeft de verhuurder immers het recht om een boete te vorderen wanneer je de huur binnen de eerste drie jaar van het huurcontract opzegt. Doe je dit in het eerste jaar, dan bedraagt de boete 3 maanden huur, in het tweede jaar is dit nog twee maanden en in het derde jaar is dit nog 1 maand.

Deze som zal je hoogstwaarschijnlijk moeten betalen aan de verhuurder. En het lijkt gemakkelijk wanneer dit geld bij de vereffening van de huurwaarborg van deze som wordt afgehouden.

Als contractueel werd afgesproken dat deze boete niet wordt geïnd wanneer je zelf een nieuwe huurder kan aanbrengen voor het verstrijken van de opzegtermijn, dan moet je inderdaad deze boete niet betalen. Maar dit zal je dus moeten nakijken in het huurcontract.

Hoe zit het met jaarlijkse indexering?

De indexatie van de huurprijs is geen automatisme: de eigenaar moet deze schriftelijk betekenen aan zijn huurder op de verjaardatum van de inwerkingtreding van de huurovereenkomst, dit wil zeggen op de datum waarop de huurder werkelijk ingetrokken is in de gehuurde woning.

 

Wanneer de eigenaar vergeten is om de indexatie op die datum aan te vragen, dan heeft hij nog drie maanden om dit te doen en wel met terugwerkende kracht voor de sommen die nog niet werden opgeëist. Na deze drie maanden, kan hij maximaal drie maanden aangepaste huur terugvorderen.